Enkele weken nadat hij met Kloetinge het kampioenschap en de bijbehorende promotie naar de Tweede Divisie had gevierd, werd Rogier Veenstra benaderd door Quick Boys. Door het vertrek van Adrie Poldervaart naar Feyenoord kwam de trainersvacature op Nieuw Zuid onverwacht vrij en schakelde Quick Boys snel door.
Sinds afgelopen maandag is de overstap beklonken. Daarmee wordt Veenstra de man die de succesvolle lijn van de afgelopen jaren moet voortzetten. In zijn eerste uitgebreide interview als eindverantwoordelijke van het eerste elftal van Quick Boys vertelt de 38-jarige Zeeuw over de totstandkoming van zijn komst naar Katwijk, zijn voetbalvisie en de ambities waarmee hij aan zijn nieuwe avontuur begint. “Ik moet zelf ook iedere week naar Quick Boys kijken. Dan wil ik wel een ploeg zien waar ik gelukkig van word.”


Je had amper kunnen wennen aan het idee dat je volgend seizoen met Kloetinge in de Tweede Divisie actief zou zijn. En toen hing Gert Pluimgraaff opeens aan de lijn.
“Dat was natuurlijk wel een beetje gek. Twee jaar geleden koos ik bewust om afstand te nemen van het profvoetbal om hoofdtrainer van een eerste elftal te kunnen zijn. Met Kloetinge, een club die ik goed ken en waarmee ik een verleden heb, bleek dat vanaf het eerste moment een goede match. Met de ambities van de club en de kwaliteiten van de spelersgroep voelde het meteen goed. Uiteindelijk werd in het tweede seizoen promotie naar de Tweede Divisie bewerkstelligd. Er is met Kloetinge geschiedenis geschreven, met veel jongens uit de eigen opleiding en uit de regio. En nog voordat ik daar echt van kon genieten of plannen kon maken voor het nieuwe seizoen, werd ik gebeld door Gert. In het verleden hadden we af en toe contact. Over de huidige stand van zaken, over mijn ambities. Maar deze keer verliep het gesprek een stuk concreter. Gert vertelde me dat er een reële kans bestond dat Adrie Poldervaart naar Feyenoord zou vertrekken en dat Quick Boys zich daarop wil voorbereiden. Dat moest heel eventjes landen. Alles wat ik de afgelopen jaren over Kloetinge zei en voelde, was oprecht. Voor geen enkele andere club zou ik hebben overwogen om in gesprek te gaan. Maar Quick Boys is natuurlijk wel van een andere orde. Niet alleen vanwege de grootte van de club, maar zeker ook vanwege wat hier de afgelopen jaren is neergezet. Daarom besloot ik om het gesprek aan te gaan.”
“Voor geen enkele andere club zou ik hebben overwogen om in gesprek te gaan. Maar Quick Boys is natuurlijk wel van een andere orde.”
Na jarenlang oppervlakkig contact tussen Gert en jou werd het ineens heel serieus. Kun je ons meenemen in dat proces?
“Ik wilde sowieso het gesprek aangaan, simpelweg omdat ik dat netjes vond. Op dat moment wist ik niet hoe Quick Boys erin stond. Misschien wilden ze wel meerdere trainers spreken. Vanaf het begin was ik heel transparant richting Kloetinge. Ik vertelde dat Quick Boys contact had gezocht en dat ik een gesprek met Gert zou voeren. Meer was er op dat moment ook niet. Adrie was immers nog trainer van Quick Boys en ik wist niet hoe de situatie zich zou ontwikkelen. Ik nam ook met hem contact op. We kenden elkaar al langer en ik was benieuwd hoe hij naar de situatie keek. Hij adviseerde mij om het gesprek in ieder geval aan te gaan. Zelf had Adrie het gevoel dat hij een goede kans maakte bij Feyenoord. Het bijzondere was dat op het moment dat ik mijn auto parkeerde op Nieuw Zuid het nieuws naar buiten kwam dat Feyenoord hem daadwerkelijk had gecontracteerd. Op hetzelfde moment kreeg ik een bericht van Adrie waarin hij mij succes wenste met het gesprek.”


“Gevoelsmatig kon het nog alle kanten op. Misschien zou het bij een kennismaking blijven. Maar Gert was vanaf het eerste moment heel duidelijk. Hij zei: ‘Wij willen heel graag dat jij de nieuwe trainer van Quick Boys wordt.’ Dat was natuurlijk een enorme eer. Tegelijkertijd moest ik in mijn hoofd heel snel schakelen. Ga ik dit doen? En als ik het doe, hoe gaat dat er dan uitzien? Het was eind mei, ik voelde me nog sterk verbonden met Kloetinge en ik was totaal niet bezig geweest met de gedachte dat ik enkele weken later trainer van Quick Boys zou kunnen zijn. Ik zei tegen Gert dat ik er goed over wilde nadenken. Daarnaast vond ik het belangrijk dat Quick Boys contact zou opnemen met Kloetinge. Niet alleen omdat ik daar nog onder contract stond, maar ook uit respect voor de club. Kloetinge heeft zich daarin uiteindelijk heel netjes opgesteld. Ze gunden mij deze stap, al moest daar uiteraard wel een regeling voor worden getroffen. Toen er begin deze week een concreet voorstel lag, hakte ik de knoop door.”
Quick Boys geniet landelijke bekendheid. Hoe kijk jij naar deze club?
“Wat mij altijd heeft aangesproken, is de verbondenheid die rondom de club voelbaar is. Ik kom uit Zeeland, een provincie zonder profclubs en waar lange tijd topamateurvoetbal minder leefde dan hier. Toen ik trainer was van ASWH merkte ik al dat veel voetballiefhebbers in Katwijk in de eerste plaats supporter zijn van Quick Boys. Niet van Ajax, Feyenoord of PSV, maar van Quick Boys. Dat zegt alles over hoe diep deze club verankerd zit in de gemeenschap. Als supporter, vrijwilliger of bestuurder beleef je deze club niet als een hobby, maar als een belangrijk onderdeel van je leven. Dat gevoel krijg ik als ik aan Quick Boys denk. Ook de bekeravonturen van de afgelopen jaren hebben dat nog eens extra onderstreept. Het is groots, het is intens. Het voetbal leeft hier enorm.”
“Veel voetballiefhebbers in Katwijk zijn in de eerste plaats supporter van Quick Boys. Dat zegt alles over hoe diep deze club verankerd zit in de gemeenschap.”
Kun je aan de supporters vertellen wat voor type trainer zij de komende twee seizoenen krijgen?
“Ik vind mezelf een toegankelijke trainer, zeker richting de spelersgroep. Misschien heeft dat ook te maken met mijn leeftijd. De generatie die nu op het veld staat, ligt qua belevingswereld niet zo ver van mij af. Daardoor kan ik spelers goed begrijpen. Daarnaast ben ik iemand die staat voor een duidelijke manier van voetballen. Dat brengt soms risico’s met zich mee, maar ik wil tegelijkertijd ook succesvol zijn. Ik combineer discipline met vrijheid. Dat past volgens mij goed bij de huidige generatie voetballers. Wat ik belangrijk vind, is dat voetbal niet alleen draait om data en fysieke waardes. Die zaken zijn belangrijk, maar voetbal blijft ook een spel van creativiteit, initiatief en lef. Dat heb ik bij Kloetinge geprobeerd te stimuleren en dat wil ik hier ook doen. Ik zeg weleens gekscherend: ik moet zelf ook iedere week naar Quick Boys kijken. Dan wil ik wel een ploeg zien waar ik gelukkig van word. En waar word ik gelukkig van? Van een spelersgroep dat echt álles doet om wedstrijden te winnen, maar dat ook herkenbaar voetbal speelt. Een team waarvan supporters weten wat ze kunnen verwachten.”


Hoe ziet dat voetbal er concreet uit?
“Ik wil dat mensen naar Nieuw Zuid komen en direct herkennen waar Quick Boys voor staat. Aan de bal moeten we initiatief nemen en aantrekkelijk voetbal spelen. Zonder bal wil ik een ploeg zien die veel progressieve druk zet en actief jaagt op balveroveringen. Daarnaast wil ik een team zien dat voor elkaar werkt. Een elftal dat problemen samen oplost en waarin spelers bereid zijn om voor elkaar te lopen. Juist die combinatie onderscheidt topploegen van goede ploegen. Kijk bijvoorbeeld naar Paris Saint-Germain onder leiding van Luis Enrique. Daar gaat het niet alleen om individuele kwaliteit. Het gaat om samenwerking, collectiviteit en de bereidheid om alles voor elkaar over te hebben. Dat spreekt mij enorm aan.”
“Ik wil een team zien dat voor elkaar werkt. Een elftal dat problemen samen oplost en waarin spelers bereid zijn om voor elkaar te lopen.”
“Verder zit ik heel erg op de relatie. Met individuele spelers, maar ook met de groep als geheel. Ik probeer me te interesseren in mensen. Supporters mogen een trainer verwachten die open is, verantwoordelijkheid neemt en na een wedstrijd niet direct in de auto stapt om te vertrekken.”
Dat laatste is gezien de afstand tussen Middelburg en Katwijk misschien nog best een uitdaging…
“Haha, dat klopt. Maar ik woon zelf ook dicht bij de zee en de duinen, dus wat dat betreft voel ik me hier snel thuis. Bovendien heeft Quick Boys een omgeving waar je graag wat langer blijft hangen. Dat is wel anders dan wanneer je op een industrieterrein tussen een paar gebouwen speelt. Hier proef je echt de sfeer van de club en van het dorp.”


Je stapt in bij een club die onder Thomas Duivenvoorden en Adrie Poldervaart twee keer op rij kampioen is geworden. Is dat niet een lastig moment om in te stappen?
“Er zullen mensen zijn die zeggen dat er grote schoenen gevuld moeten worden. Dat klopt ook. Thomas en Adrie hebben hier fantastisch werk geleverd. De bekeravonturen en de twee kampioenschappen spreken voor zich. Tegelijkertijd is dit juist het soort uitdaging waar ik naar op zoek ben. Ik stap uit mijn comfortzone. Alles is nieuw. Maar dat geeft ook energie. Ik vind het prettig om die spanning te voelen. Bovendien kom ik terecht bij een club waar ontzettend veel zaken goed geregeld zijn. Dat geeft vertrouwen.”
“Ik stap uit mijn comfortzone. Alles is nieuw. Maar dat geeft ook energie.”
Ligt de druk nu misschien juist iets lager omdat Quick Boys al twee keer kampioen is geworden?
“Misschien is er minder druk, maar er is vooral veel zelfvertrouwen. We weten dat we kampioen kunnen worden. Tegelijkertijd geloof ik niet dat mensen tevreden zijn als Quick Boys volgend seizoen bijvoorbeeld op de zesde plaats eindigt. Dan komt niemand naar mij toe om te zeggen dat het niet uitmaakt omdat we de afgelopen twee jaar al kampioen zijn geworden. En eerlijk gezegd zal ik dat zelf ook niet accepteren. Ik leg mezelf graag een bepaalde druk op. Dat hoort bij topsport.”


Mag een derde kampioenschap op rij dan worden uitgesproken?
“Ja, waarom niet? De huidige norm bij Quick Boys is kampioen worden. Daar moeten we niet voor weglopen. Natuurlijk zal ik de komende periode eerst een goed beeld moeten krijgen van de selectie en van de concurrentie. Maar ik geloof niet in het temperen van ambities. Als je vooraf zegt dat je tevreden bent met een plek in de subtop, dan creëer je ook die realiteit. Uiteindelijk zal de spelersgroep daar ook een belangrijke stem in hebben. Zij staan iedere week op het veld. Maar als deze groep uitspreekt dat ze opnieuw kampioen wil worden, dan moeten we daar vol voor gaan.”
“De huidige norm bij Quick Boys is kampioen worden. Daar moeten we niet voor weglopen.”
Eigenlijk is jouw voorbereiding op het nieuwe seizoen al begonnen.
“Absoluut. De afgelopen dagen heb ik veel wedstrijden van afgelopen seizoen teruggekeken en heb ik intensief contact gehad met Gert over de selectie, de staf en de voorbereiding. Het kan zomaar zijn dat ik voor de eerste training iedere speler al persoonlijk gesproken heb. Ik wil een goed beeld krijgen van het team voordat we beginnen. Daarnaast kijken we naar de samenstelling van de selectie. Er vertrekken spelers, er zijn vacatures ingevuld en er liggen vragen over de verdere invulling van de groep. Dat zijn allemaal zaken waar we momenteel mee bezig zijn. Daarnaast heeft Adrie aangeboden om mij waar nodig te helpen en dat waardeer ik enorm. Uiteindelijk zal ik het op mijn eigen manier gaan doen, maar het is prettig om gebruik te kunnen maken van de kennis van iemand die hier het afgelopen jaar zo succesvol is geweest.”


Veel zaken zijn al ingevuld: de staf, een groot deel van de selectie en het oefenprogramma. Vind je dat prettig?
“Iedereen die hier nu werkt heeft een aandeel gehad in het kampioenschap. Ik ben niet iemand die ergens binnenkomt en meteen alles wil veranderen. Bovendien vind ik het juist interessant om met nieuwe mensen samen te werken. Het kan ook gevaarlijk zijn om altijd binnen je eigen vertrouwde kring te blijven opereren. Degenen die ik hier ga ontmoeten, hebben samen een kampioensteam gebouwd. Daar kan ik alleen maar respect voor hebben.”
Tot slot: wanneer is het seizoen 2026-2027 voor jou geslaagd?
“Het eenvoudige antwoord is: als we aan het einde van het seizoen opnieuw met de schaal omhoog staan. Quick Boys hoort ieder jaar mee te doen om de titel. Dat past bij de grootte en de historie van de club én bij de prestaties van de afgelopen tijd. Twee jaar geleden werd de club kampioen, daarna vertrokken er veel spelers. Toch slaagde Quick Boys erin opnieuw een sterk elftal neer te zetten en weer kampioen te worden. Dan zou het vreemd zijn om nu achterover te gaan leunen. Daarnaast wil ik dat we een herkenbare speelstijl ontwikkelen waar supporters zich mee willen identificeren en waar spelers energie van krijgen. Ik wil dat de fans met plezier naar Nieuw Zuid komen omdat ze weten wat voor voetbal ze gaan zien.
En persoonlijk hoop ik natuurlijk dat ik uiteindelijk kan zeggen dat dit de beste keuze is geweest die ik had kunnen maken. Het was een moeilijke beslissing vanwege mijn band met Kloetinge. Maar alles wat ik tot nu toe heb gezien en gevoeld bij Quick Boys bevestigt dat ik op de juiste plek terecht ben gekomen.”


“Ik wil dat mensen naar Nieuw Zuid komen en direct herkennen waar Quick Boys voor staat.”
Dit delen:
- Klik om te delen met Twitter (Wordt in een nieuw venster geopend)
- Klik om te delen op Facebook (Wordt in een nieuw venster geopend)
- Klik om op LinkedIn te delen (Wordt in een nieuw venster geopend)
- Klik om op Pinterest te delen (Wordt in een nieuw venster geopend)
- Klik om te delen op WhatsApp (Wordt in een nieuw venster geopend)


